Verhalen van WijZijn

Je bent er niet voor álle problemen. Dat maakt het heel overzichtelijk.

Corrie Nieuwkoop is voorlezer bij de Voorleesexpress

Corrie Nieuwkoop (56) is parttime administratief medewerker op een basisschool in Dinteloord. Eén uur per week is ze actief als vrijwilliger bij de Voorleesexpress in Steenbergen.

“De Voorleesexpress helpt kinderen die een taalachterstand hebben. Als voorlezer ga ik iedere week op huisbezoek bij een kind dat taalondersteuning nodig heeft. Ik doe dat steeds in periodes van 20 weken, op een vaste tijd die mij goed uitkomt. Een gezin betaalt hiervoor eenmalig 10 euro aan de Voorleesexpress. Lekker laagdrempelig dus en heel waardevol: er komen veel nieuwe buitenlandse gezinnen bij die nog niet goed Nederlands spreken. Bovendien is het leuk om kinderen in contact te brengen met boeken, veel kinderen zitten steeds vaker met hun neus voor een scherm in plaats van in een boek.

Nigeriaans jongetje

Ik  doe dit vrijwilligerswerk inmiddels 6 jaar en heb 8 kinderen begeleid in de leeftijd van 4 tot 9 jaar. Nu ondersteun ik een Nigeriaans jongetje van nog geen 4 jaar. Hij zat op de peuterspeelzaal, gekoppeld aan de basisschool. De intern begeleider (IB’er) stelde vast dat zijn taalontwikkeling erg gebrekkig is en schakelde de Voorleesexpress in. De coördinator van de Voorleesexpress gaat dan in gesprek met - in dit geval - de moeder. Ook bij mijn eerste bezoek is de coördinator erbij, maar daarna ga ik alleen. 

Electro

Voorlezer zijn betekent niet dat ik alleen maar voorlees hoor. Soms oefenen we wat woorden door dingen aan te wijzen. Tafel, deur, dat soort dingen. Of we kijken samen plaatjes en bedenken dan zelf het verhaal. Ik kijk altijd waar de interesses van een kind liggen en leg de lat vooral niet te hoog. Dat maakt het plezierig voor het kind, maar zeker ook voor mijzelf. Met dit jongetje speel ik regelmatig Electro. Ook de Sesamstraatbus vindt hij interessant. Al spelenderwijs leert hij zo aardig wat woordjes. Ik probeer ook wat te vertellen over typisch Nederlandse dingen, want hij moet zich straks staande houden in de Nederlandse cultuur en kunnen meekomen op school. Het geeft voldoening om daar mijn steentje aan bij te dragen. 

Even wennen

Soms moeten we best even wennen aan elkaar, maar ik heb me nooit ergens onwelkom gevoeld. Dat je bij mensen uit verschillende culturen in huis komt, maakt het boeiend. Ik heb gezinnen uit Polen, Thailand en Syrië bezocht, maar de Voorleesexpress ondersteunt ook Nederlandse gezinnen. Bijvoorbeeld als de ouders laaggeletterd zijn.

Van elk bezoek schrijf ik een kort verslagje. Er zijn regelmatig bijeenkomsten met de andere voorlezers waarin we ervaringen uitwisselen. De Voorleesexpress levert zelf ook goede handvatten om de sessies zo uitdagend mogelijk te maken zowel voor het kind als de voorlezer. Hun website staat vol met tips. Erg handig, zeker voor beginnende voorlezers.

Vluchtelingenwerk

In sommige gezinnen is de taalachterstand van het kind of de kinderen niet het enige probleem. Maar als voorlezer houd ik me alleen daar mee bezig. Soms benadert een gezin je voor andere zaken, maar daar ben ik niet voor. Ik kom met een tas met boeken en spelletjes, alleen dat uurtje. En echt voor het kind. Dat houdt het lekker overzichtelijk. Als ik weet dat een gezin wordt begeleid, bijvoorbeeld door Vluchtelingenwerk, dan bespreek ik af en toe wel wat praktische dingetjes met de begeleiders. Als een kind op schoolreis gaat en hier spullen voor moet meenemen bijvoorbeeld.  

Speeltuin

Ter afsluiting ga ik binnenkort met de moeder en mijn ‘voorleeskind’ naar de speeltuin. Eigenlijk is een bezoek aan de bibliotheek een vast onderdeel, maar daar is dit mannetje nog niet aan toe. Bij het afscheid krijgt hij een boekje, een ‘diploma’ en een foto van ons samen. Ik hoop dat hij met zijn moeder nog vaak in het boekje kijkt. Na de zomervakantie start ik bij een nieuw gezin. Welk gezin het is, weet ik nog niet, maar de vraag naar ondersteuning is groot. Fijn dat veel mensen de weg naar de Voorleesexpress weten te vinden. En andersom. Met meer bekendheid én meer vrijwilligers kunnen we nog veel meer kinderen helpen!”

Stel uw vraag